Energielabel (Energieprestatiecertificaat)

 
Vanaf 1 januari 2008 zijn huiseigenaren wettelijk verplicht om een energielabel te overhandigen bij de verkoop cq verhuur van hun huis indien koper cq huurder dit wenst. Huiseigenaren moeten dit label door een gecertificeerd adviseur laten opstellen en bij het tekenen van de koopovereenkomst cq huurovereenkomst overhandigen aan de koper cq huurder. Een energielabel is 10 jaar geldig.                                                 LET OP:

Vanaf 1 juli 2014 verandert de Rijksoverheid een aantal regels met betrekking tot het energielabel.  De veranderingen worden doorgevoerd vanwege nieuwe Europese richtlijnen en eigen beleidsplannen van minister Blok van Wonen.

  

5 wijzigingen energielabel

De volgende wijzigingen zijn per 1 juli 2014 te verwachten met betrekking tot het energielabel. Sommige regels gaan in per 1 januari 2015:

  • Minister Blok wil het energielabel voor woningen vereenvoudigen per 1 januari 2015. Woningeigenaren kunnen zelf online een vereenvoudigd energielabel samenstellen. Een deskundige moet de gegevens op afstand – dus niet ter plekke – valideren. Er is vanuit verschillende partijen kritiek op dit plan van minister Blok. Zie bijvoorbeeld de column van directeur Hans van der Ploeg van VBO Makelaar: “Energielabel voor dummies”.
  • Eigenaren kunnen een aanvullend energieprestatiecertificaat laten opstellen. Op dit certificaat staat een getal, de uitkomst van de berekening van de energieprestatie. Aan dit getal kunnen financiële instrumenten zoals het woningwaarderingsstelsel, worden gekoppeld.
  •  
  • Per 1 januari 2015 zal de Rijksoverheid ook boetes ( € 360,-- ) gaan opleggen als bij verkoop en verhuur geen energielabel wordt overhandigd.
  •  
  • Bij publieke gebouwen (groter dan 500 vierkante meter) moet het energielabel op een publiek zichtbare hangen. Per 1 juli 2015 geldt deze regel voor gebouwen met een metrage vanaf 250 m2.
  • Voor nieuwe utiliteitsgebouwen geldt de verplichting van een EPC-berekening. Per 1 juli 2014 wordt op basis van deze berekening een energielabel afgegeven, mits voldaan aan de normen.
 

DOEL Energielabel is om mensen te stimuleren energiebesparende maatregelen te nemen voor hun woning.

 

Het energielabel geeft (in gestandaardiseerde energieklassen A t/m G) aan hoe energiezuinig een woning is. Denk hierbij aan de mate van isolatie en de zuinigheid van installaties voor verwarming, warm water en ventilatie. Zeer energiezuinige panden hebben een A-label en zijn groen, zeer onzuinige panden hebben een G-label en zijn rood. Achterop het energielabel staan energiebesparende maatregelen waarmee de energieprestatie van de woning verbeterd zou kunnen worden. Want hoe energiezuiniger de woning, hoe goedkoper, gezonder en comfortabeler het wonen is. En dus: hoe meer het huis waard zal zijn. Onderzoek heeft aangetoond dat driekwart van de Nederlanders meer geld blijkt over te hebben voor een energiezuinige woning.

 
Is uw woning voorzien van een EPA-advies, afgegeven tussen 1 januari 1998 en 1 juli 2002 (oude norm), dan kunnen wij met een eenvoudige opname en tegen lage kosten dit document legaliseren naar een nieuw Energielabel.
 
Uitzonderingen / Vrijstellingen

Eigenaren hoeven geen energielabel te overhandigen bij de koop- of huurovereenkomst als:

 

Zij beschikken over een recent EnergiePrestatieAdvies ( EPA ). Dit moet dan wel zijn opgesteld tussen 1 juli 2002 en 1 januari 2008 door een gecertificeerde adviseur.

 
Hun woning minder dan 10 jaar oud is. Bij de bouwvergunningaanvraag is dan al een EPC (EnergiePrestatieCoëfficiënt) berekend die de energiezuinigheid van de woning weergeeft. De EPC vervangt het energielabel tot tien jaar na de aanvraag van de bouwvergunning.
Deze berekening is bij de gemeente op te vragen. Indien u deze niet bij de gemeente kunt verkrijgen, probeer dan de goedgekeurde berekening bij de bouwer of projectontwikkelaar op te vragen. In het geval dat u op geen enkele manier aan de EPC-berekening kunt komen, dan bent u helaas wel verplicht een energielabel op te laten stellen en te overhandigen tijdens de eigendomoverdracht.
Tip: Neem een voorbeeld van een EPC-berekening mee naar de gemeente, zodat u weet hoe deze berekening eruit moet zien. Check tijdig bij een notaris of de aan u ter hand gestelde EPC-berekening voldoet, zodat u bij de eigendomsoverdracht niet voor verrassingen komt te staan.
 
De woning eigendom is van een woningcorporatie. Woningcorporaties hebben tot 1 januari 2009 de mogelijkheid tot uitstel gekregen, met de voorwaarde dat zij al hun woningen dan hebben gelabeld.
 

De koop- of huurovereenkomst door beide partijen ondertekend is voor 1 januari 2008.

 

Er al een energielabel aanwezig is. Dit certificaat mag op de datum dat de koop- of huurovereenkomst door beide partijen wordt ondertekend niet ouder zijn dan 10 jaar. Tevens is het van belang dat de woning na opnamedatum van het certificaat niet uitgebouwd is en er geen energiebesparende maatregelen zijn getroffen.

 
De woning een monument is als bedoeld in de Monumentenwet 1988, of een provinciale of gemeentelijke monumentenverordening.
 

Het gebouw wordt gebruikt voor erediensten en religieuze activiteiten (zoals kerken en moskeeën).

 
 Het een vrijstaand gebouw betreft met een gebruiksoppervlakte van minder dan 50 m2. Kleine wooneenheden in een appartementengebouw of geschakeld aan een rij eengezinswoningen hebben dus wel een energielabel nodig bij bouw, verkoop of verhuur.
 
Verkoper/verhuurder en koper/huurder uitdrukkelijk overeenkomen dat zij geen behoefte hebben aan een energielabel. In de huidige wetgeving kan het verstrekken van een energielabel namelijk nog niet via een bestuursrechtelijke weg worden afgedwongen. Om problemen te voorkomen raden wij aan deze afspraak in de koop- of huurovereenkomst te bekrachtigen.
 
 
Gebouwen waar GEEN Energielabel voor vereist is
Het energielabel is niet vereist voor nieuwe en bestaande gebouwen (gebruiksfuncties) waarvoor bij nieuwbouw van een dergelijk gebouw op grond van het Bouwbesluit 2003 geen energieprestatiecoëfficiënt (EPC) van toepassing is. Dat wil zeggen:
 
Woonwagens, caravans en woonboten

Onverwarmde logiesgebouwen (zoals trekkershut of gîte)

Gebouwen met een industriefunctie

Gebouwen met een zogenaamde 'overige gebruiksfunctie' (zoals schuurtje, garage)

Niet-permanente bouwwerken, die ten minste voldoen aan de voorschriften voor bestaande bouw (zoals bouwketen, noodwinkels, noodlokalen bij scholen, directie- en schaftlokalen op bouwplaatsen)
   
 

Open voorbeeld